#buikgevoel
#taalgevoel
#instinct

Hé buikgevoel, waar was je nou?

Onlangs had mijn buikgevoel een baaldag. Mijn beste schrijfvriend was even de weg kwijt. Ik zocht naar de oorzaak en kwam tot een verstandig besluit.

Flop. Ja hoor, daar donderde mijn buikgevoel keihard het podium af. Dat moment zat er natuurlijk aan te komen. Ik kan niet voortdurend in de kruising schieten of blind blijven varen op mijn instinct. Het is de taak van het universum om de boel in balans te houden. The Force heet dat in Star Wars. En die Force houdt dus ook de outputkwaliteit van de freelance copywriter/tekstschrijver in balans.

Los van alle handige schrijftechnieken, trucjes en regels, geef ik mijn buikgevoel altijd het laatste woord. Pas als dat zegt go, koppel ik bijvoorbeeld de eerste opzet terug naar een opdrachtgever. Niet eerder.

Het is datzelfde buikgevoel dat mij waarschuwt als er ‘iets’ niet klopt aan wat ik heb geschreven. Wat precies vertelt het overigens niet. Wat ik wel weet is dat ik nog niet ben uitgesleuteld aan de betreffende tekst.

Maar die keer dat het misging kreeg ik dus geen waarschuwing vooraf. Ik klikte vol vertrouwen op Send. En sjwoez. Niets in mij twijfelde.

Beste meeting ooit; dát gevoel

Leg het mij maar uit; hoe had ik de plank zó mis weten te slaan? De briefing was immers helder, de inhoud duidelijk. Alles leek klip en klaar. Het was typisch zo’n meeting geweest waar je opgetogen van vertrok, omdat je buikgevoel je in hoofdletters verzekerde dat alles oké was. Zo’n heerlijk ‘dit is in de pocket’-gevoel.

Viel dat effe tegen. De opdrachtgever herkende zich he-le-maal niet in wat hij over zijn merk las. Mijn merkverhaal zat er mijlenver naast. Het eerste wat ik dacht: BUIKGEVOEL! WAAR WAS JE?

Nou, dat was dus precies waar het altijd is. Het had alleen een baaldag. Meteen glipte nog meer twijfel mijn hoofd in. Had ik wellicht de verkeerde vragen gesteld? Of had ik de antwoorden verkeerd geïnterpreteerd? Of? Of?

Terugblikkend zie ik twee mogelijkheden. Of het zit gewoon niet goed in het DNA van het verhaal van de opdrachtgever en moet de beste man of vrouw aan de slag. Of in mijn hoofd staat de concentratie achterin een lange rij vol met prikkels en andersoortige afleiding.

De oertwijfel van de creatief

Dat laatste bleek het geval. Als mijn hoofd niet vrij is om te denken – omdat het er simpelweg te druk is – is alles wat er zich in afspeelt nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Dan maak ik keuzes die verkeerd uitpakken. Dat is vervelend op alle fronten. Een teleurgestelde opdrachtgever die zijn hoge verwachtingen in rook ziet opgaan en een schrijver die – ook al is het maar voor even – terugglijdt in zijn oertwijfel.

Twijfel inderdaad. Want zo werkt het natuurlijk wel. Als copywriter/tekstschrijver ben je altijd emotioneel betrokken bij wat je schrijft. Wat je ook maakt, er zit iets van jou in. Sla je de spreekwoordelijke plank mis, dan raakt diezelfde plank je recht voor je kop en sodemieter je zelf ook van het podium. Mag jij raden wat er naast jou op de grond ligt.

Inderdaad.

Geen prikkels en indringers

Begrijp me niet verkeerd, ik wil het buikgevoel niet zwart praten, want ik geloof er ook na deze tik op de vingers nog steeds heilig in. De les is geleerd. Zorg dat mijn hoofd vrij is van prikkels en indringers. Zo niet, wacht dan een dag. Focus per dag. En wring vooral niet nog snel even een andere opdracht ertussen. Niet doen.

Kort door de bocht heeft mijn buikgevoel vooral ademruimte nodig. Lucht. Alleen als ik aan die voorwaarde voldoe, lezen al mijn geslaagde ervaringen en flops samen op de bank met een hapje en een drankje wat ik schrijf, analyseren het, hebben het erover en sturen vervolgens mijn brein de juiste kant op. En dat het er dan een keer naast zit, ach ja. Ik ben vergevingsgezind. Mijn buikgevoel is niet onfeilbaar en ik dus ook niet.

Blog overzicht